Posts tonen met het label cryptografie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label cryptografie. Alle posts tonen

vrijdag 13 februari 2026

Op de bon

Foto van auteur

Kom je wel eens in Duitsland? En heb je daar wel eens een kassabon van dichtbij bekeken? Nou, ik wel. En toen viel mij meteen de cryptografische informatie op die erop stond.

Voor de duidelijkheid: als ik het over crypto heb, dan praat ik over cryptografie en niet over digitaal geld, zoals de bitcoin. Cryptografie: de wiskundige kunst van het beveiligen van gegevens, zei laatst iemand op een congres. Maar wat stond er dan precies op die bon, en vooral: waarom?

Het waren lange reeksen cijfers en letters, zoals je op de foto kunt zien. Mijn aandacht werd getrokken door de ‘PublicKey’-rubriek helemaal onderaan de bon. Daarachter een brij van 132 tekens. De bon bevat in nog zo’n zelfde weergave een digitale handtekening (signature). Je ziet niet vaak dergelijke informatie over digitale handtekeningen op een analoog medium (de papieren bon).

Het zit ‘m in de Duitse wetgeving, de Kassensicherungsverordnung (Kassabeveiligingsverordening, ietwat vreemd afgekort tot KassenSichV). Daarin staat dat elektronische kassa’s voorzien moeten zijn van een Technische Sicherheitseinrichtung (TSE – Technische Beveiligingsvoorziening). Die TSE voorkomt dat er met de kassa gerommeld kan worden: alle transacties worden, met een volgnummer, gelogd en digitaal ondertekend. Zo kan het Finanzamt (de belastingdienst) controleren op onregelmatigheden, zoals ontbrekende bonnen. Als een kassa geen gecertificeerde TSE heeft, kan de winkelier een boete tot 25.000 euro krijgen.

Die cryptografische bewerking speelt zich binnen de kassa af. Maar waarom staat die informatie ook op de bon? Omdat die bon zelf ook controleerbaar moet zijn. Jij als klant doet daar niets mee – beschouw het feit, dat die gegevens mij opvielen, gerust als beroepsdeformatie. Maar de fiscus kan steekproeven doen, bijvoorbeeld door een mystery guest te laten shoppen en vervolgens de bon te checken. Vroeger konden winkeliers de klant een keurige kassabon meegeven en toch transacties uit de kassa verwijderen of manipuleren. Dat kan nu niet meer, omdat de digitale handtekening dat meteen aan het licht zou brengen.

Op modernere kassabonnen is de uitgeschreven TSE-informatie vervangen door een QR-code. Dat maakt het leven van controleurs gemakkelijker (al wordt het aangeprezen als papierbesparende maatregel). Nóg milieuvriendelijker is de digitale kassabon, die heel on-Duits fiskaly receipt heet. De klant scant dan een QR-code op de kassa. Maar het kan ook eenvoudiger: bij de supermarkt, waar wij om de zoveel tijd heen gaan om dingen te kopen die ze hier niet hebben of die daar veel goedkoper zijn, kun je de kassabon rechtstreeks in de app van de winkel ontvangen.

Die digitalisering is mooi, maar ik zie wel een probleem. Als ik iets koop waar garantie op zit, dan scan ik de bon in en bewaar hem onder een zinvolle naam op de computer. Dat doe ik om twee redenen: originele bonnen vervagen en ik kan de computer voor mij laten zoeken. Digitaal verstrekte bonnen vind ik dan echter niet terug. Als je je dat realiseert, moet je vervolgens maar net weten bij welke winkel je het product hebt gekocht, om de bon vervolgens in de desbetreffende app of op hun website terug te zoeken. Om dat te ondervangen ga ik in dat soort gevallen nu maar een bestandje in mijn administratie opnemen waar ik in zet waar het product gekocht is. Nog een tip voor collega-administratieve nerds: omdat er aan kleding nog wel eens wat kapot wil gaan, bewaar ik bij de ingescande bon ook een foto van het kledingstuk. Dan weet je dat die bon bij die broek hoort.

Op de kassabon van Shawarma Al-Zaiem (ja, zo heet shoarma in het Duits) viel mij nog iets op: de tekst “Es bediente Sie: LPADMIN” (U werd geholpen door). Op de kassa was dus de beheerder ingelogd. Nou is Al-Zaiem een kleine zaak waar slechts twee mensen aan het werk waren, maar toch: inloggen als administrator (beheerder) om reguliere werkzaamheden uit te voeren is nooit een goed idee.

Stuur me foto’s van je verbaasde reisgenoten als jij bij je volgende bezoek aan Duitsland aandachtig de kassabon zit te bestuderen (-;

 

En in de grote boze buitenwereld …

 

vrijdag 27 juni 2025

Russische roulette

Afbeelding via Pixabay

Soms pik je een bericht van de radio op waarbij je denkt: “Hè? Dat heb ik vast niet goed gehoord.” Zoals het bericht dat Pavel Doerov zijn fortuin nalaat aan al zijn honderd kinderen.

De man blijkt twee ‘echte’ kinderen te hebben, bij de overige – in totaal zijn dat er 104 – is bij slechts betrokken geweest als zaaddonor. Nou hoeven al die kinderen niet te vrezen dat ze niks overhouden als ze met zoveel halfbroertjes en -zusjes moeten delen. Ieder van hen kan, uitgaande van het huidige banksaldo van hun vader/donor, ruim 160 miljoen dollar tegemoet zien. Waar ze waarschijnlijk wel nog even op moeten wachten, want Doerov is pas veertig en springlevend. Zijn naam prijkt op indrukwekkende lijstjes: de op 119 na rijkste persoon ter wereld, de rijkste expat in de Verenigde Arabische Emiraten, de machtigste ondernemer in Dubai – dat soort dingen.

In Doerovs portefeuille zitten maar liefst vier paspoorten: hij is staatsburger van Rusland (hij is geboren in de Sovjet-Unie), Saint Kitts and Nevis (eilandjes in de Caribische Zee waar hij de suikerindustrie met een kwart miljoen dollar steunde), de Verenigde Arabische Emiraten en Frankrijk. De aanvraag voor dat laatste paspoort zou volgens Paul du Rove, zoals hij zich in dat land noemt, een 1-aprilgrap zijn geweest, die per ongeluk via een speciale procedure zou zijn goedgekeurd. Maar daardoor werd hij wél ook EU-burger.

Al deze feitjes (en nog veel meer) kun je ook nalezen op Wikipedia, maar waarom besteed ik er hier aandacht aan? Omdat Pavel Valerjevitsj Doerov ook nog de geestelijk vader en oprichter is van Telegram, de berichtendienst à la WhatsApp en Signal. En Telegram is nou niet bepaald een dienst die security- en privacymensen een warm hart toedragen. Ik zal uitleggen waarom dat zo is. Houd daarbij in gedachten dat de term cryptografie, die ik hier gebruik, niets te maken heeft met crypto-valuta zoals Bitcoin.

Als je berichten met iemand uitwisselt (met iemand appt), dan wil je doorgaans dat andere mensen, bedrijven of overheden niet mee kunnen lezen. Berichten worden daarom versleuteld. Deze encryptie zorgt ervoor dat alleen jij en je gesprekspartner de berichten kunnen lezen, omdat alleen jullie over de bijbehorende sleutels beschikken (dat heet end-to-end encryptie). Het mechanisme, dat de encryptie verzorgt, heet een cryptografisch protocol, dat op zijn beurt gebruikmaakt van cryptografische algoritmes. Doorgaans worden daar internationaal erkende standaarden voor gebruikt, die uitvoerig en door veel verschillende deskundigen zijn onderzocht. Dat maakt ze betrouwbaar. Bij Telegram vonden ze dat ze beter een eigen crypto-protocol konden maken. Dat geldt in de cryptografie als een doodzonde, omdat de kans groot is dat je je eigen fouten over het hoofd ziet. Hun protocol is ook niet volledig openbaar, waardoor onderzoek lastig is. Bovendien staat de versleuteling niet standaard aan. Bij andere berichtenapps is dat wel het geval.

Telegram en zijn oprichters kennen een turbulente geschiedenis. Doerov verliet Rusland na geruzie over zijn eerdere onderneming, VKontakte (het Russische Facebook). In het kort: hij had geweigerd om persoonlijke informatie over demonstranten aan de autoriteiten te overhandingen. In 2014 verliet hij Rusland en zette hij Telegram op. Volgens Doerov maakte Telegram tien jaar later voor het eerst winst, bij een omzet van meer dan een miljard dollar. Hoe Telegram in de tussenliggende tijd gefinancierd is, blijft wazig.

Ondanks het geruzie in Rusland weten we niet of er achterdeurtjes in Telegram zijn ingebouwd. Zo te lezen heeft Doerov een redelijke staat van dienst als het gaat om weerstand bieden aan graaiende autoriteiten. Op het wereldwijde toneel van spionage weet je echter nooit zeker of dat niet slechts voor de bühne is en of er, buiten ons zicht, niet toch het een en ander bekonkeld is. Het platform wordt door criminelen graag gebruikt om zaken te doen, misschien wel omdat Doerov c.s. hen geen strobreed in de weg leggen. In deze context heeft Frankrijk hem vorig jaar gearresteerd (en weer op borgtocht vrijgelaten). In ieder geval maken de ondoorzichtigheid en, eerlijk gezegd, ook de Russische roots, dat Telegram een platform is waarvan ik sterk afraad om het te gebruiken. Gebruik liever Signal – dat heeft een sterke positie op cryptografisch en privacy-gebied. Daar hoort wel met de kanttekening bij dat dit een Amerikaans product is en daarmee onder Amerikaanse wetgeving valt, die opsporingsdiensten allerlei mogelijkheden geeft om gegevens te vorderen. Overigens kunnen ze alleen gegevens afstaan die ze hebben; de inhoud van jouw berichten zijn end-to-end versleuteld en daardoor redelijk veilig. WhatsApp werkt precies zo, maar heeft een minder goede naam op het gebied van privacy omdat ze jouw profiel en gedrag te gelde maken.

Ook al heb je honderd kinderen en een bovengemiddeld vette bankrekening, dat maakt nog niet dat je een goede  huisvader bent. Ik zie teveel rode vlaggen om Doerov en zijn Telegram te kunnen vertrouwen.

 

En in de grote boze buitenwereld …

vrijdag 9 mei 2025

Ontmoeting met sterren

Afbeelding via Pixabay

Ik heb sterren ontmoet. Bruce Schneier hield een toespraak, Adi Shamir en Whitfield Diffie zaten in een panel, Ron Rivest stond op een armlengte afstand en Dave Maasland zat naast me in de kroeg.

Je kent deze namen waarschijnlijk alleen als je een vakgenoot bent – alhoewel, Dave Maasland is nog wel eens op de Nederlandse tv te zien. Blijf hoe dan ook toch maar doorlezen, want ook zonder deze mensen te kennen kun je hier iets opsteken.

Ron Rivest en Adi Shamir zijn de ‘R’ en de ‘S’ in RSA. Die naam ken je wellicht van je tweefactorauthenticatie, de extra beveiligingsstap die je soms moet zetten om ergens in te loggen. RSA is tegenwoordig een bedrijf dat onder andere dit soort hulpmiddelen maakt, maar van oorsprong is RSA een cryptografisch algoritme dat belangrijk is voor de versleuteling van onze gegevensuitwisseling. De ‘A’ is trouwens van Len Adleman, maar die heb ik op deze conferentie – de RSA Conference! – niet gezien. Whitfield Diffie, die in hetzelfde panel zat als Adi Shamir, is bekend van een ander cryptografisch algoritme (Diffie-Hellman).

In dat panel gaven een aantal cryptografen hun kijk op de wereld. Shamir sneerde naar de bitcoin en zijn soortgenoten: de wereld zou beter af zijn zonder cryptovaluta. Diffie merkte op dat consumentenproducten kennelijk goed genoeg worden gevonden voor high security toepassingen – Signalgate, de affaire waaruit bleek dat hoge Amerikaanse functionarissen Signal gebruiken, lag nog vers in het geheugen. Overigens beaamde Diffie dat de beveiliging van Signal prima in elkaar zit. Verder besprak het panel de dreiging van quantum computing, die er in het kort op neerkomt dat de beveiliging, die onder andere RSA ons biedt, in de toekomst kan worden gekraakt. Bovendien stelen buitenlandse regimes nu al onze gegevens, om ze te zijner tijd door de quantumcomputer te halen. Daarom is het zaak om zo snel mogelijk vervangende crypto-algoritmes te ontwikkelen, maar dat is niet gemakkelijk. Diffie: “Het is alsof je in 1945 een algoritme moest ontwikkelen dat nu nog steeds werkt.” Shamir adviseerde, in lijn met een Europese aanbeveling, om voorlopig dubbele encryptie toe te passen.

Bruce Schneier is ook wereldberoemd in onze wereld. Hij verspreidt zijn gratis nieuwsbrief al jarenlang over de hele wereld en geeft daarin inzichten en meningen over nieuwe ontwikkelingen. Zijn toespraak ging over vertrouwen in kunstmatige intelligentie. Vertrouwen is een ingewikkeld begrip, betoogde hij, vooral als het gaat om vertrouwen in vreemden (‘social trust’). We dreigen AI als vriend te beschouwen, maar het is een dienst. Bovendien is het een dubbelagent: hij dient zowel jou als zijn aanbieder. Maar we hebben geen keuze; we moeten ons aan AI toevertrouwen. Het tijdperk van de agentic AI breekt aan: je hebt een persoonlijke assistent die dingen voor je regelt. De AI-agent heeft toegang tot je mail en je agenda en weet alles van je. Dat wil je ook, want daardoor kan hij je optimaal ondersteunen. Schneier gebruikte het reserveren van een tafel als voorbeeld. Vroeger belde je naar het restaurant, tegenwoordig reserveer je via hun website en straks laat je de AI-agent een restaurant zoeken en een reservering maken. Hij weet wat je lekker vindt en wanneer je kunt.

We hebben dus betrouwbare AI nodig. Integriteit zal volgens Schneier het belangrijkste probleem zijn, omdat de meeste aanvallen op AI te maken hebben met de juistheid van gegevens. Hij noemde als voorbeeld stickers die op lantaarnpalen worden geplakt om zelfrijdende auto’s te misleiden. Er is wetgeving nodig om tot betrouwbare AI te komen, maar huidige wetgeving (zoals de Europese AI Act) reguleert de AI zelf in plaats van de mensen achter de AI, en dat is volgens Schneier de foute weg. Hij bepleit een publiek AI-model met politieke verantwoordelijkheid, als tegenwicht voor corporate AI.

Informatiebeveiligers zijn ook maar mensen en daarom had de organisatie ook een aantal ‘echte’ sterren op het toneel gebracht. Zoals filmmaker Ron Howard (onder andere Apollo 13 en A beautiful mind (twee Oscars)), die werd geïnterviewd door zijn dochter en vakgenote. Of basketbal-legende Earvin “Magic” Johnson, die met zijn toegankelijkheid en een motiverend verhaal de zaal voor zich won. En ten slotte was daar nog acteur/zanger/komiek Jamie Foxx, die voor een komische afsluitende noot zorgde. Maar hij stak ons ook een hart onder de riem: “Wat jullie doen is misschien de belangrijkste job in de geschiedenis van de mensheid.” Community was volgens hem het toverwoord.

Daarna kon ik met mijn drie collega’s en 44 duizend andere conferentiegangers weer terug naar onze eigen tijdzone. We hebben er samen een interessante én leuke week van gemaakt. En de band tussen ons team en het SOC is er ook nog eens inniger door geworden. Dat heb je goed gedaan, JW.

 

En in de grote boze buitenwereld …

vrijdag 13 januari 2023

Waarom je externe e-mail niet kunt versleutelen

 

Afbeelding via Pixabay

Al hoestend en snotterend struikelde ik het nieuwe jaar in, en nog steeds zijn paracetamol, hoestdrankjes en thee met honing mijn beste vriendjes. Willoos dobber ik mee op de golven van deze epidemie. Nu we de coronapandemie achter ons hebben gelaten, lijkt het erop dat de griep- en verkoudheids-virussen eindelijk hun kans schoon zagen om weer eens ouderwets toe te slaan. Velen van jullie zullen nu, als mede-ervaringsdeskundigen, instemmend knikken. Zucht – werkte de menselijke afweer maar net zo efficiënt als de virusscanner op je computer.  

Maar nee, ik ga het vandaag niet over malware hebben. In de lezerspost zaten namelijk vragen naar aanleiding van de vorige Security (b)log. Daarin stond een passage die begon met: “Onze interne mail biedt de mogelijkheid om gevoelige berichten te versleutelen.” Collega Monique heeft deze optie nu standaard aangezet, maar ze krijgt een foutmelding als ze mail naar haar privéadres wil sturen. Ze wil graag begrijpen hoe dat zit.

Het was misschien een beetje gemeen, maar juist met het oog op deze mogelijke vraag had ik in de geciteerde zin het woord “interne” opgenomen. Dat betekent dat je mail kunt versleutelen die binnen de organisatie blijft – mail naar een collega dus. Zodra je mail naar buiten stuurt, dus naar je privéadres of naar een klant, hebben we te maken met externe e-mail. Er zijn twee redenen waarom je die mail niet kunt versleutelen.

Het versleutelen van informatie, bijvoorbeeld e-mail, doe je om ervoor te zorgen dat onbevoegden de informatie niet kunnen lezen. Alleen wie over de sleutel beschikt, kan het bericht ontsleutelen en vervolgens lezen. Voordat we vanuit onze organisatie een mailtje de wijde wereld in sturen, willen we controleren of dat mailtje geen narigheid bevat, zoals virussen (ha, toch weer virussen hè). Maar als het mailtje versleuteld is, dan kan dat niet – ook een virusscanner kan geen chocola maken van een versleuteld bericht. Hetzelfde geldt voor bijlagen. Dat is de reden waarom het versleutelen van externe e-mail niet wordt toegestaan. Dat werkt overigens in beide richtingen zo: ook inkomende mail, die versleuteld is, wordt geweigerd. Sneu is dat wel: versleutelen is immers, net als het scannen op virussen, een beveiligingsmaatregel. Hier zit de ene beveiligingsmaatregel de andere in de weg.

De tweede reden waarom versleuteling van externe e-mail niet werkt, staat in de foutmelding die Monique te zien kreeg: “Kan het certificaat van deze ontvanger niet in het adresboek vinden.” Ja leuk, maar deze melding kun je alleen begrijpen als je weet hoe versleuteling in z’n werk gaat. In de vakliteratuur is dit altijd het moment voor Alice en Bob om ten tonele te verschijnen. Dit stel wil versleutelde e-mail met elkaar uitwisselen. Daartoe moeten eenmalig wat voorbereidingen worden getroffen. Om te kunnen versleutelen en ontsleutelen heb je nu eenmaal sleutels nodig, nietwaar? Twee per persoon, om precies te zijn: een openbare en een geheime, die een wiskundige relatie met elkaar hebben. Ze vormen een sleutelpaar. En dan werkt het als volgt. Als Alice een mailtje naar Bob wil sturen, dan versleutelt zij het met de openbare sleutel van Bob. Het mooie is dat die openbare sleutel, waar letterlijk iedereen ter wereld over mag beschikken, niet kan worden gebruikt om het bericht weer te ontsleutelen. Dat kan alleen met de bijbehorende geheime sleutel, en die heeft slechts één persoon: Bob. Als Bob het mailtje wil beantwoorden, dan gebruikt hij op zijn beurt de publieke sleutel van Alice om zijn antwoord te versleutelen. En omdat alleen Alice over de bijbehorende geheime sleutel beschikt, kan alleen zij het mailtje van Bob lezen.

Al deze handelingen hoeven Alice en Bob niet handmatig uit te voeren. Ze hoeven alleen maar ‘versleutelen’ aan te vinken in hun mailprogramma. Dat mailprogramma moet dan wel toegang hebben tot de publieke sleutels van mensen waarmee je wilt mailen. Die publieke sleutels zijn beschikbaar in de vorm van zogeheten digitale certificaten, waarin naast de publieke sleutel ook is vastgelegd dat dit daadwerkelijk de publieke sleutel van Bob is. In het geval van Monique is dat certificaat er niet: haar privéadres heeft waarschijnlijk helemaal geen certificaat en als het er al is, dan zou het niet in ons intern adresboek worden opgenomen omdat we het versleutelen van externe mail toch niet toestaan. Dus vandaar die melding over het ontbrekende certificaat.

Monique had verder nog een vraag over het ondertekenen van e-mail. Ook die optie heeft ze aangevinkt, maar, zo schrijft ze: “Ik zie geen zichtbare toegevoegde waarde en snap het daardoor dan ook niet.” Ze slaat de spijker op de kop met het woord “zichtbare”. Digitale ondertekening maakt namelijk ook gebruik van die sleutelparen. Alice gebruikt haar eigen geheime sleutel om haar mail te ondertekenen, en Bob gebruikt haar publieke sleutel om te controleren of het bericht echt van Alice afkomstig is én of er onderweg niet mee is gerommeld. Ook dat doet het mailprogramma onder water voor je. En zolang er niets aan de hand is, merk je daar weinig van. Pas als er iets mis is, zal het mailprogramma bij de gebruiker aan de bel trekken.

Als Monique naar huis mailt, kan ze die mail dus niet versleutelen. Dat is niet zo erg, want uiteraard stuurt ze geen zakelijke informatie naar huis. Hooguit een boodschappenlijstje of zo. Ik hoop van harte dat daar geen hoestdrankje op staat…

 

En in de grote boze buitenwereld …